Header

Voorbeschouwing Giro - Etappe 11

Parcours

11

Na de tijdrit krijgen de renners een heuvelachtige etappe voorgeschoteld waarin de aanvallers hun kans kunnen grijpen op de ritzege. Etappe 11 begint relatief vlak, met al na 68 kilometer de tussensprint van de dag. Jonathan Milan heeft eerder deze Giro al laten zien dat hij zijn zinnen heeft gezet op de punten voor het sprintklassement, maar als Paul Magnier attent koerst, zal hij niet toestaan dat de Italiaan zonder tegenstand in de vlucht van de dag belandt.

Na ruim honderd kilometer begint het parcours echt te golven, met drie gecategoriseerde beklimmingen verspreid over een lastige finale van meer dan vijftig kilometer. De eerste is de Passo del Termine: 7,4 kilometer aan gemiddeld 4,9 procent. Nauwelijks bekomen van de afdaling wacht meteen de zwaarste klim van de dag, de Colle di Guatarola. Daar moeten de renners 9,9 kilometer klimmen aan gemiddeld 6,2 procent.

Na een lange afdaling van ongeveer twintig kilometer bereiken de renners de voet van de laatste gecategoriseerde beklimming van de dag: de Colla dei Scoli. Op papier althans, want volgens de organisatie zijn hier de laatste bergpunten te verdienen. De klim zelf is 5,7 kilometer lang aan gemiddeld 6,3 procent, waarbij vooral de laatste 2,4 kilometer stevig aantikken met een gemiddelde stijging van 9,4 procent.

Toch zit er daarna nog flink venijn in het parcours. De renners trekken namelijk nog door naar de Red Bull Kilometer, die vandaag bovenop een klim ligt van 4,6 kilometer aan gemiddeld 6,4 procent. Geen bergpunten dus op de top, maar wel bonificatieseconden. Voor de meeste vluchters zal dat vermoedelijk minder interessant zijn. Eenmaal boven volgt nog een afdaling van zo'n zes kilometer, waarna evenveel vlakke kilometers resten richting de finish in Chiavari.

Kanshebbers

De rangorde in het algemeen klassement is na de tijdrit van gisteren een stuk duidelijker geworden. De tijdsverschillen zijn inmiddels flink opgelopen, waardoor steeds meer renners de vrijheid krijgen om hun kansen te zoeken in de vlucht van de dag. Jonas Vingegaard zal ondertussen het vertrouwen hebben dat hij de 27 seconden achterstand op Afonso Eulalio nog wel goedmaakt. De Deen zal zich vooral afvragen of Thymen Arensman en Felix Gall in de tweede en derde week geen te grote bedreiging gaan vormen. Voor Visma | Lease a Bike heeft een extreem zware koers vandaag dus weinig meerwaarde, terwijl Decathlon  vermoedelijk pas initiatief zal nemen zodra de finish weer bergop ligt en Gall zijn klimkwaliteiten optimaal kan benutten.

Voor etappe 11 kiezen we daarom opnieuw vol voor de aanvallers. En dat begint inmiddels een herkenbaar rijtje namen te worden. Niet zo gek ook, aangezien Jhonatan Narváez in etappe 8 precies waarmaakte wat er van hem verwacht werd. In tegenstelling tot die rit ligt de finish vandaag wel vlak, maar dat hoeft voor de Ecuadoriaan geen enkel probleem te zijn. Ook de licht oplopende sprint van etappe 4 schreef hij immers al op zijn naam.

Misschien komt de grootste concurrentie zelfs wel uit zijn eigen ploeg. Zonder ploegorders had Jan Christen in etappe 8 waarschijnlijk eigenhandig zijn ploeggenoten Mikkel Bjerg en Narváez teruggebracht, met het volledige peloton in zijn wiel. Als de Zwitser vandaag zelf mee vooruit zit, heeft hij in het heuvelachtige gedeelte absoluut de kwaliteiten om het verschil te maken.

Dat geldt ook voor Giulio Ciccone, die in etappe 9 nog dicht bij de ritzege kwam, maar uiteindelijk strandde door het achtervolgingswerk van Decathlon en Visma. Na de tijdrit heeft de Italiaan nog eens vijf minuten extra verloren, waardoor hij nu écht de ruimte zou moeten krijgen om aan te vallen. Ook Christian Scaroni heeft inmiddels afscheid genomen van zijn hoge positie in het klassement. Begon hij de tijdrit nog als vijfde, inmiddels staat de besnorde Italiaan zestiende op ruim zes minuten van Vingegaard.

In grote rondes zien we vaak dezelfde namen terugkeren in de vlucht van de dag. Daarom mogen we woensdag waarschijnlijk opnieuw rekenen op Lorenzo Milesi, Gianmarco Garofoli en Andreas Leknessund. Renners die zich thuis voelen op heuvelachtig terrein én duidelijk in goede vorm verkeren. Voeg daar Javier Romo, Michael Valgren en Guillermo Thomas Silva aan toe en je hebt een indrukwekkende lijst aanvallers waarvan er ongetwijfeld meerdere in de top 10 gaan eindigen.

Martin Tjøtta lijkt er op de dinsdag tijdens de tijdrit een extra rustdag aan te hebben vastgeplakt, de Noor die nog derde werd in etappe 8 kwam maar liefst honderd seconden later binnen dan de voorlaatste. Dat was het grootste verschil tussen twee renners, na het gigantische verschil van Filippo Ganna en de nummer twee natuurlijk.

Alleen wanneer de vlucht op het vlakke moeilijk weg raakt en het peloton lang compact blijft, bestaat de kans dat een aanvaller het niet haalt. De opeenvolgende heuvels zullen het peloton dan vanzelf uitdunnen, waarna een sprint met een man of veertig waarschijnlijk wordt. In die groep zullen de klassementsmannen elkaar vermoedelijk niet aanvallen, simpelweg omdat de finale daarvoor niet zwaar genoeg is. In dat scenario kun je vooral kijken naar de top 20 van etappe 2 en 4, waar na een selectieve koers respectievelijk Silva en Narváez wonnen. Maar ook renners als Orluis Aular en Ben Turner worden dan gevaarlijke outsiders.

⭐⭐⭐⭐ Ciccone

⭐⭐⭐ Christen, Narváez

⭐⭐ Arrieta, Romo, Scaroni, Silva

⭐ Aular, Garofoli, Milesi, Tjøtta, Turner, Zana